Situational Leadership® & Strategy

Volgens Situationeel Leiderschap® is er niet iets als één beste leiderschapsstijl voor alle omstandigheden. De leiderschapsstijl die iemand dient te gebruiken met medewerkers of groepen van medewerkers (teams) hangt af van de prestatiegereedheid, competentie van deze medewerkers en teams.  Leiders hebben doorgaans de neiging om die leiderschapsstijl te gebruiken waarmee ze zich het meest comfortabel voelen, hun natuurlijke stijl. Voor elkeen zal dit een overeenstemmen met een van de 4 hieronder beschreven stijlen. Wanneer men steeds terugvalt op die natuurlijke stijl, dan zal dit in bepaalde gevallen ook de meest effectieve stijl zijn, maar in vele gevallen ook weer niet. Het zal dan eerder afhangen van toevalligheid en niet van doordacht gedrag.

De leiderschapsstijl (gedrag van de leider zoals dit wordt gepercipieerd door de volger(s)) is steeds een combinatie van taakgericht en relatiegericht gedrag:

Taakgericht gedrag: De mate waarin de leider taken en verantwoordelijkheden instrueert aan de volger(s). Dit betekent: volgers vertellen wie, wat, hoe, wanneer, waar, met wie de taak moet uitgevoerd worden.

Relatiegericht gedrag: De mate waarin de leider een 2 (of meer)-wegscommunicatie aangaat met de volger(s). Dit gedrag betekent (empathisch) luisteren, faciliteren en het uitleggen waarom taken dienen te worden uitgevoerd op een ondersteunende manier.

Taakgericht en Relatiegericht gedrag zijn 2 aparte dimensies van de Situationeel Leiderschapsmatrix resulterend in 4 kwadranten (zie schema’s hierna). Door de mate waarin taakgericht en relatiegericht gedrag is aangewezen te plotten op beide assen, bekom je de meest aangewezen stijl die dient te worden toegepast met de volger, rekening houdend met de specifieke taak en situatie waar het om gaat. In alle gevallen zal er een bepaalde mate van taakgerichtheid en relatiegerichtheid dienen aanwezig te zijn.

Carl Vanhemelen en Dirk De Corte zijn gecertificeerd door het Center for Leadership Studies (CLS) via ACT Partners